Reglementen

Rangordebepaling

  1. De rangorde van de ploegen na de poulewedstrijden wordt bepaald aan de hand van het aantal behaalde wedstrijdpunten. De ploeg met het grootste aantal wedstrijdpunten geldt als hoogst geklasseerde.
  2. 2 gelijke ploegen
    1. Indien twee ploegen met een gelijk aantal wedstrijdpunten eindigen is het resultaat van de onderlinge wedstrijd bepalend voor de rangorde.
    2. Indien 2a niet tot een beslissing leidt wordt de rangorde bepaald middels het doelsaldo over alle poulewedstrijden. De ploeg met het grootste doelsaldo over de poulewedstrijden geldt als hoogst geklasseerde.
    3. Indien er na toepassing van 2b nog geen verschil is ontstaan geldt de ploeg met het grootste aantal gescoorde doelpunten in de poulewedstrijden als hoogst geklasseerde.
    4. Indien er na toepassing van 2c nog geen verschil is ontstaan wordt de rangorde bepaald middels het nemen van strafworpen zoals omschreven in 5.
  3. 3 gelijke ploegen
    1. Indien drie ploegen met een gelijk aantal wedstrijdpunten eindigen is het aantal behaalde wedstrijdpunten van hun onderlinge wedstrijden bepalend voor de rangorde. De ploeg met het grootste aantal in de onderlinge wedstrijden behaalde wedstrijdpunten geldt als hoogst geklasseerde.
    2. Indien na toepassing van 3a de drie ploegen nog gelijk eindigen wordt de rangorde bepaald middels het doelsaldo over hun onderlinge wedstrijden. De ploeg met het grootste doelsaldo over de onderlinge wedstrijden geldt als hoogst geklasseerde.
    3. Indien er na toepassing van 3b nog drie ploegen gelijk eindigen geldt de ploeg met grootste aantal gescoorde doelpunten in de onderlinge wedstrijden als hoogst geklasseerde.
    4. Indien ook na toepassing van 3c de drie ploegen gelijk eindigen wordt de rangorde bepaald middels het doelsaldo over alle poulewedstrijden. De ploeg met het grootste doelsaldo over de poulewedstrijden geldt als hoogst geklasseerde.
    5. Indien er na toepassing van 3d nog drie ploegen gelijk eindigen geldt de ploeg met het grootste aantal gescoorde doelpunten in de poulewedstrijden als hoogstgeklasseerde.
    6. Indien er tussen de drie ploegen ook na toepassing van 3e nog geen verschil is ontstaan wordt de rangorde bepaald middels het nemen van strafworpen zoals omschreven in 5.
    7. Indien er na toepassing van achtereenvolgens 3a t/m 3e in enig geval nog twee ploegen met een gelijk resultaat overblijven wordt hun volgorde bepaald door artikel 2 toe te passen.
  4. 4 gelijke ploegen.
    1. Indien vier ploegen met een gelijk aantal wedstrijdpunten eindigen wordt de rangorde bepaald middels het doelsaldo. De ploeg met het grootste doelsaldo over de poulewedstrijden geldt als hoogst geklasseerde.
    2. Indien er na toepassing van 4a nog vier ploegen gelijk eindigen geldt de ploeg met het grootste aantal gescoorde doelpunten in de poulewedstrijden als hoogst geklasseerde.
    3. Indien er tussen de vier ploegen ook na toepassing van 4b nog geen verschil is ontstaan wordt de rangorde bepaald middels het nemen van strafworpen zoals omschreven in 5.
    4. Indien er na toepassing van achtereenvolgens 4a en 4b in enig geval nog drie ploegen met een gelijk resultaat overblijven wordt hun volgorde bepaald door artikel 3 opnieuw toe te passen.
    5. Indien na toepassing van achtereenvolgens 4a en 4b in enig geval nog twee ploegen met een gelijk resultaat overblijven wordt hun volgorde bepaald door artikel 2 opnieuw toe te passen.
    1. De scheidsrechter bepaalt welke korf voor het nemen van strafworpen wordt gebruikt.
    2. De scheidsrechter stelt door loting vast in welke volgorde de ploegen beginnen met het nemen van de strafworpen.
    3. De strafworpen worden genomen door acht spelers van elke ploeg. Bij beslissingswedstrijden zijn dit acht spelers die aan het eind van de verlenging in het veld stonden. Vervangingen van spelers, volgens de spelregels, zijn dan nog steeds toegestaan.
      Alleen de nemer van de strafworp, de scheidsrechter (en de assistent-scheidsrechter) mogen zich in het vak bevinden waar de strafworpen worden genomen. Alle acht spelers van beide (alle) ploegen stellen zich in het andere vak op.
    4. Indien beide (alle) ploegen evenveel strafworpen hebben benut, neemt daarna steeds één speler van elke ploeg een strafworp. Deze speler moet behoren tot de groep van acht spelers, die eerder een strafworp heeft genomen. Als deze spelers van beide (alle) ploegen scoren of deze spelers van beide (alle) ploegen de strafworp missen, neemt een volgende speler van elke ploeg een strafworp, en wordt dit herhaald tot een beslissing is verkregen
    5. Een speler komt pas in aanmerking voor het nemen van een derde strafworp als alle spelers van zijn ploeg twee strafworpen hebben genomen. Een speler komt pas in aanmerking voor het nemen van een vierde strafworp als alle spelers van zijn ploeg drie strafworpen hebben genomen. Etc.